dinsdag 6 januari 2009

doe mij die maar

Keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes, keuzes.

In een Starbucks stel ik de simpele vraag of ik een thee mag. “Natuurlijk”, is het antwoord. Opgelucht trek ik mijn portemonnee. “klein, medium of groot? Kamille, zoethout, citroen, kaneel, gele, groene, Chinese, Earl Grey, smaak enzovoorts, of gewone thee? Ik kies maar voor de gewone thee (wat is dat eigenlijk; gewone thee?).
Als laatste optie was deze makkelijk te onthouden en ze hadden geen optie die ‘de lekkerste’ heette. In grote uitvoering, want ik heb dorst gekregen van het kiezen.

De ‘extreme aversion bias’ gaat vanzelfsprekend ook voor mij op. De toename van het aanbod heeft mij het leven niet makkelijker gemaakt. Hoe kan een consument eigenlijk nog de kwaliteit van een product of dienst beoordelen? Door de toename van het aanbod wordt de markt voor mij steeds minder transparant. En leidt meer keuzevrijheid zeker niet altijd tot betere keuzes.

Ik ben al blij zat dat ik geen koffie lust, wat heel soms best jammer is, maar nu even niet. Bij Starbucks zijn er namelijk eindeloze mogelijkheden om je koffie persoonlijker te maken. Zo zijn er elf soorten siroop, zes soorten melk, daarnaast de keuze van het formaat, extra shots, schuim of geen schuim, extra heet (want je wil een kwartier wachten met drinken of je tong branden) en ga zo maar door. Het schijnt dat er 19.00 verschillende mogelijkheden van Starbucks koffie zijn en dat zijn er heel erg veel. Er zijn echter veel meer dan 19.000 mensen. Dus hoe persoonlijk kan je koffie nou eigenlijk echt worden?

De 19.00. verschillende mogelijkheden betekent dat een bestelling ongeveer zo kan klinken: nonfat half-caff-tripple-grande quarter sweet sugar-free vanilla nonfat-lactaid extra hot extra foamy caramel macchiato. Of doe toch maar een...

Hoezo kiezen? Geef me gewoon wat ik wil!

Geen opmerkingen: